Collega Reinders gaf mij deze week een boek. Dat boek is geschreven door de Duitse theoloog Rudolf Bohren. Alle predikanten van voor mijn generatie kennen hem, omdat hij een dik Duits boek over preken heeft geschreven. Het resultaat daarvan hoor je ook in deze kerk vaak genoeg.
Maar dit boekje is minder dik. Al liegt de titel er niet om. In der Tiefe der Zisterne, in goed Nederlands: diep in de put. Ondertitel Erfahrungen mit der Schwermut, ervaringen met zwaarmoedigheid. Volgens de tekst op de omslag gaat het boek erover dat we depressiviteit, melancholie niet aan de psycholoog kunnen overlaten, maar dat het ook en misschien wel allereerst iets geestelijks is. En ik kan me daar van alles bij voorstellen. Ik heb zo vaak gezien en het zelf ook meegemaakt dat een Bijbels beeld of een eenvoudig gebed op het juiste moment zo veel heling kan betekenen.
Maar goed, ik heb nog niet veel in het boek gelezen. En de vraag wat het betekent dat een collega je zo’n boek geeft, heb ik ook nog niet beantwoord. En nu ook even serieus: als jij worstelt met de duisternis in jezelf, zoek iemand op met wie je er over kunt praten. Een psycholoog of predikant, iemand op school, online, maakt niet uit, maar loop er alsjeblieft niet alleen mee rond. Je bent niet alleen en er zijn echt mensen die je kunnen begrijpen en helpen.
Ik ben begonnen met lezen. En meteen op de eerste bladzij vond ik precies wat vanmorgen Openbaring 1, de oogstdienst, ons jaarthema en de zegening van Elianne bij elkaar brengt.
Lezen, zo schrijft Bohren, lezen is eten met de ogen, ja met alle zintuigen. Lezen is eten met je ogen. We zeggen niet voor niets dat je boeken kunt verslinden. Toen je jong was, haalde je een stapel boeken bij de bibliotheek en aan het einde van de middag had je ze alweer uit. En als je ouder bent, heb je soms dagen genoeg aan een mooie zin. Je eetlust verandert, ook je leeslust. Maar ze blijven wel. Je blijft je leven lang eten en je blijft je leven lang lezen. En bij zowel het lezen als het eten heb je hulp nodig. Lezen leer je in groep 3. En sommige dingen moet je echt leren eten. En dat wat lekker is niet altijd ook gezond is, daar moet je op enig moment ook achter komen.
Wat is er nu zo bijzonder aan eten en lezen? Eten en lezen laten allebei zien dat de mens een afhankelijk wezen is. Wij hebben altijd dingen nodig, om in leven te blijven. Een heeft mens eten nodig voor zijn lichaam en woorden voor zijn ziel, zijn geest. Als je eet of leest, dan zeg je eigenlijk: ik ben maar een gewoon mens, ik kan niet bestaan zonder wat ik eet en lees. Eten en lezen maken ons nederig en bescheiden. Eten en lezen maken ons tot ontvangers. En het maakt ons tot mensen die verbonden zijn met elkaar.
Wij aten van de week sperziebonen. ‘Afkomstig uit Marokko’, stond er op de zak. Ik ben dus verbonden met een sperziebonenteler is Marokko. En met de plukkers en met degene die die bonen verpakt hebben. En degene die deze bonen vervoerd heeft. En met de inkoper van de Lidl die deze bonen heeft laten komen naar hier. En met de vakkenvuller. En met de kassière. Als één van hen zijn werk niet had gedaan, dan had ik met mijn gezin geen bonen kunnen eten. Of ik die bonen van zover weg wel had moeten kopen, is een terechte vraag. Ik had ook even naar de moestuin bij de Boerinn in Kamerik kunnen fietsen of naar Oogst in de stad.
In deze Oogstdienst realiseren wij ons dat wij eten nodig hebben en dat wij afhankelijk zijn van hen die ons voedsel produceren: boeren, telers, vervoerders, verkopers, en nog vele anderen. En wij danken God voor de zegen die Hij ons via hen geeft. Wij prijzen ons gelukkig dat wij voor ons eten niet hoeven te stelen of te vechten, dat het er gewoon is, in overvloed en vrede. Daar danken wij God voor.
En zo danken wij God ook voor zijn Woord. Woorden zijn voedsel voor de ziel. Wij hongeren naar wat geschreven staat. En dat geldt in het bijzonder wel voor de Bijbel. Wat een leven zit daar in! Wat een voedingswaarde heeft dat boek!
Nee, wij leven ook als Bijbellezers niet meer in het paradijs. Zoals Adam in het zweet van zijn aanschijn de aarde zal moeten bewerken om aan eten te komen, zo moeten ook wij Bijbellezers aan de bak om iets wat ons voedt uit de Bijbel op te diepen. De Bijbel is geen snack, geen zak chips die je zo lekker naast je op de bank legt.
Dus het kost af en toe best moeite, zeker, maar dat neemt niet weg dat je van de Bijbel echt kunt genieten. Een christen is een Bijbellezer en zo is een christen ook een levensgenieter.
‘Gelukkig is wie dit voorleest, en gelukkig zijn zij die deze profetie horen en zich houden aan wat erin geschreven staat.’ Zo hoorden we in Openbaring 1. Wat heb je een geluk als je dit mag voorlezen en wat heb je een geluk als je dit hoort. Dit is een lekker boek!
Nu vrees ik dat voor velen het boek Openbaring niet echt een delicatesse is. Het boek staat vol vreemde gruwelijkheden, vol duistere en dreigende beeldtaal. Draken, vuur, verwoesting.
Het boek Openbaring wordt door sommige christenen gezien als een verzameling voorspellingen over de eindtijd. Volgens hen komt er een einde aan het leven op aarde, of zelfs aan de aarde op zich. En rond dat einde vindt er een grote afrekening plaats. En het is zaak dat wij aan de goede kant komen te staan. Het boek Openbaring vertelt dat in een soort geheimtaal, maar wij kunnen die taal ontcijferen en zo kunnen wij aan de goede kant terechtkomen.
Maar als dat zo is, waarom schrijft Johannes dan: ‘Gelukkig is wie dit voorleest, en gelukkig zijn zij die deze profetie horen en zich houden aan wat erin geschreven staat.’ Het is dus de bedoeling dat dit boek wordt voorgelezen. Iedereen mag het horen. En dat het een profetie wordt genoemd, betekent in de Bijbel niet dat hierin de toekomst wordt voorspeld, maar dat onze situatie, de toestand in de wereld, de condition humaine, wordt bekeken vanuit het perspectief van God.
Openbaring is geen codeboek. Het is bedoeld als bemoediging en troost, als aansporing en als boek waar je wat aan hebt. Het is een boek om te lezen. Gelukkig wie het voorleest en gelukkig wie het hoort. Het is een boek waar je wat aan hebt, een boek dat je voedt. Dus: als iemand je iets over dit boek vertelt en je wordt er bang van, dan gaat er iets niet goed. Dit boek wil je gelukkig maken. De komende twee zondagen zullen we ook uit Openbaring lezen. En dan is dat het uitgangspunt: geluk!
Een boek om te lezen. Ja, om samen te lezen dus. Net zoals eten beter smaakt als je het in goed gezelschap eet. Beter met je vrienden bij de Mac dan in je eentje in een sterrenrestaurant.
Ons jaarthema bracht ons dat verhaal van Filippus en die Ethiopische man in die wagen op de verlaten weg naar Gaza. ‘Begrijpt u wat u leest?’ Smaakt het een beetje? Dat is dezelfde vraag. ‘Hoe zou dat kunnen als niemand mij uitleg geeft?’ Hoe eet ik dit? Hoe krijg ik dit binnen? En Filippus leert het hem.
De kerk is een leesgemeenschap. Wij lezen samen. Leren samen lezen. Dat maakt ons gelukkig. We leren van elkaar. Hoe bijzonder is dat! Elke week kun je met tientallen, honderden anderen hetzelfde horen. Krijg je iets mee waar je op kunt blijven kauwen. Het is er gewoon. We hoeven het niet te stelen of te bevechten. We hoeven het niet stiekem te doen en we worden niet gecontroleerd. Wat een geluk! Wij zijn levensgenieters! We hebben een boek, een verzameling boeken, die onze ziel altijd voeden zal. We kunnen niet zonder.
En straks krijgt Eliane een zegen. Als teken dat zij erbij hoort, bij deze verzameling van levensgenieter. Bij deze mensen die niets tekort komen. Ja, natuurlijk wil je daarbij horen. En we hopen dat ze ooit ervoor kiest om zich te laten dopen. Dat ze ontdekken zal dat je een geluksvogel bent als je rond dit boek mag samenkomen met zoveel anderen.
Leer haar lezen. De letters en de woorden, maar vooral ook de verhalen. De verhalen van de Bijbel. De verhalen die allemaal draaien om Jezus Christus. De verhalen over Hem die ons liefheeft, die zoals Johannes het zegt: ons van onze zonden bevrijdt door zijn bloed, die ons een koninkrijk gevormd heeft en ons heeft gemaakt tot priesters van God, zijn Vader.’ Van die verhalen knappen we zó op!
‘Aan Hem komt de eer toe en de macht. Tot in eeuwigheid. Amen.’

Geef een reactie