Op deze Palmzondag was het Passionkruis in Woerden. Collega Joost Schelling en ik besloten de themadienst vanavond het thema ‘Rondom het kruis’ te geven. We hielden allebei twee verhalen. Elk een verhaal over de Stille of Goede Week (dus over de liturgie) en een verhaal over de betekenis van het kruis (dus over de theologie). Mijn verhalen staan hieronder.

Twee manieren van vieren in de Stille of Goede Week

Er zijn binnen de protestantse kerken twee manieren om stil te staan bij Jezus lijden, sterven en opstanding. Je komt die twee manieren op het spoor door simpelweg te kijken wanneer de diensten in kerken worden gehouden. Er zijn kerken die een dienst houden op Goede Vrijdag en dienst op de Paasmorgen. Er zijn ook kerken die meer diensten houden: op Witte Donderdag, Goede Vrijdag, Stille Zaterdag en op de Paasmorgen. Ook in Woerden zijn beide manieren van vieren gangbaar. We zullen nu over beiden manier van vieren iets vertellen.

Ik zal alle eerst iets vertellen over de manier van vieren waarbij er op Goede Vrijdag en Eerste Paasdag een dienst is. Deze manier van vieren noemen we met een term uit de boeken over liturgie: de klassieke-gereformeerde manier van vieren. Gereformeerd moet je hier opvatten in de zin van calvinistisch. Het heeft dus niets te maken met de gereformeerde kerken, sterker nog, je vind de klassiek-gereformeerde manier van vieren vaker terug in hervormde kring en in de kring van de behoudende afgescheiden kerken.

Hier in Woerden vind je de klassiek-gereformeerde omgang inderdaad bij hervormde wijkgemeenten Centrum-Oost en Noord+West. Al moet ik erbij zeggen dat voor Noord+West het wat genuanceerder ligt, maar dit is niet het moment voor een duik in de wonderlijke lokale kerkgeschiedenis. 

In de klassiek-gereformeerde omgang komt de gemeente samen op Goede Vrijdag om het sterven van Jezus Christus te gedenken en op de Paaszondag om de opstanding van Jezus Christus te gedenken. Kruis en opstanding. Voor het calvinisme wordt daarin het hele evangelie samengevat. Die twee momenten in het leven van Jezus Christus zijn allesbepalend voor de hele wereld, de hele geschiedenis, voor alle mensen.

Kruis en opstanding. Al het andere valt weg. Het leven van Jezus, zijn wonderen, zijn gelijkenissen, zijn gesprekken, en dus ook alles wat er zich voor zijn dood afspeelt, zoals het laatste avondmaal, de gesprekken met zijn leerlingen, het is allemaal niet onbelangrijk, maar als je de betekenis van Jezus Christus onder woorden wilt brengen, dan moet je dit zeggen: ‘Hij … werd prijsgegeven om onze zonden en werd opgewekt omwille van onze rechtvaardiging.’ (Romeinen 4:25)

U hoort dat ik hier woorden van Paulus gebruik. Deze manier van vieren leunt inderdaad sterk op de theologie van de apostel Paulus. In zijn brieven valt op dat hij zelden iets verteld over het leven van Jezus. Het gaat bij Paulus telkens om betekenis van Jezus’ dood en opstanding. Nu is er wel debat over de reden waarom Paulus Jezus’ leven verzwijgt. Het is altijd lastig argumenteren vanuit wat niet gezegd wordt. Misschien waren de verhalen over Jezus’ leven voor Paulus zo vertrouwd dat hij ze niet eens hoefde op te schrijven.

Hoe het ook zij, de calvinistische traditie gedenkt Jezus’ dood en opstanding. Op Goede Vrijdag viert men ook nog avondmaal, om dichtbij de betekenis van Jezus toe te komen. In de maaltijd ‘verkondigen wij zijn dood totdat Hij komt’ om het opnieuw met Paulus te zeggen (1 Korintiers 11). In zijn sterven zien wij zijn zelfgevende liefde. Die ontvangen wij, daar moeten wij het van hebben, die delen wij, die geeft ons leven richting.

Over de betekenis van het kruis

Er zijn verschillende visies op de betekenis van het kruis.

In 1931 publiceerde de Zweedse bisschop Gustav Aulen het boek De christelijke verzoeningsgedachte. Dat boek maakte veel los. In het boek zet Aulen twee manieren van kijken naar Jezus’ kruisdood tegenover elkaar. De ene manier is de manier die volgens Aulen sinds ongeveer het jaar 1000 dominant is geworden in de westerse kerk. De naam van de middeleeuwse monnik Anselmus hoort bij deze manier van kijken.

Deze manier van kijken is onder ons calvinistische christenen in Nederland vooral bekend geworden door de manier waarop deze in de Heidelbergse catechismus is verwoord. Vraag: ‘Aangezien wij dan naar het rechtvaardig oordeel Gods tijdelijke en eeuwige straf verdiend hebben, is er enig middel, waardoor wij deze straf zouden kunnen ontgaan en wederom tot genade komen?’ Antwoord: ‘God wil, dat aan Zijn gerechtigheid genoeg geschiede; daarom moeten wij aan haar, óf door onszelven, óf door een ander, volkomenlijk betalen.’ Wijzelf kunnen niet betalen, dus dat moet een ander doen. En die ander dat is dan Gods Zoon.

Aulen keert zich in zijn boek tegen deze gedachten. Een God die bloed wil zien, die er in zijn wil de zonde te straffen niet voor terugdeinst zijn eigen zoon te doden, dat is volgens hem niet christelijk, maar heidens. Aulen wil terug naar voor Anselmus, naar de vroegchristelijke gedachte van Christus Victor. Christus overwinnaar. Aulen laat zien dat in de vroege kerk Christus dood en opstanding werd gezien als overwinning op de machten van het kwaad en de dood. We zien deze manier van kijken naar het kruis ook terug in de Oosters-orthodoxe kerken.

Het boek van Aulen sloeg denk ik zo aan omdat hij het ongemak onder woorden bracht wat velen ervoeren bij de verzoeningsleer van de catechismus en Anselmus. Dat er iemand anders dood moest omdat wij iets verkeerd hebben gedaan, dat is ook een onbegrijpelijk gedachte. Ik zeg er wel even bij dat wel een simplificatie is van wat Anselmus en de Heidelberger naar voren brengen. 

In het Nieuwe Testament komt de uitdrukking dat Jezus Christus voor onze zonden is gestorven geregeld voor. Sterker nog, we komen deze uitspraak tegen in de oudste teksten van het Nieuwe Testament. Minder dan dertig jaar na Jezus’ dood was de uitspraak dat Jezus voor onze zonden is gestorven al gemeengoed binnen de Jezusbeweging. 

In het stukje uit een van de teksten van die beweging, de brief van Paulus aan de Galaten, zien we dat bij Paulus die twee betekenissen van het kruis niet tegenover elkaar staan, maar bij elkaar horen. ‘die zichzelf gegeven heeft voor onze zonden om ons te bevrijden uit deze door het kwaad beheerste wereld… (Galanten 1:4). Verzoening en overwinning in één dus.

Hoe werkt dat dan? Hoe werkt het kruis? Wij leven volgens Paulus in een door het kwaad beheerste wereld. Het kwaad dat uit is op onze dood. Die macht van het kwaad komt door de zonde. Door te zondigen geven wij het kwaad macht over ons. We maken ons dienstbaar aan afgoden als Mamon en Afrodite. Met elke zonde krijgen zij meer macht in de wereld.

En nu heeft Jezus niet gezondigd. Hij heeft alleen de God van Israël, zijn Vader, gediend. Dat kost Hem zijn leven. Het brengt Hem aan het kruis. Maar het kwaad krijgt geen vat op Hem. En zo overwint Hij het kwaad. Het kwaad dat wij aan de macht brachten, wordt door Hem onmachtig gemaakt. Zo sterft Jezus voor onze zonden, door het kwaad te overwinnen. Verzoening en overwinning.

En daar kunnen wij mee verbonden zijn. Dat is voor ons westerse indivualistische mensen lastig genoeg. De macht van het kwaad over ons is zo groot dat wij er vroeg of laat door zullen sterven. De dood is het gevolg van de macht die wij het kwaad geven. Maar nu is Jezus Christus gestorven. En wij mogen ons verbinden met Hem. Wij verbinden ons met zijn dood. En dus zijn wij al gestorven. En dus geeft het kwaad geen macht meer over ons. We hebben niets meer te verliezen, want in Christus hebben wij alles al verloren. En dus heeft het kwaad geen aangrijpingspunt meer in ons leven. Het glijdt van ons af als water van een eend. We zijn immuun voor het kwaad. Het doet ons niks.

Dat is waar het kruis voor staat. Jezus heeft ons bevrijdt door voor onze zonden te sterven. En zo is het symbool van de dood voor ons het symbool van het leven.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.