Breekbaar

We lezen vandaag verder uit Lucas 24. Ik wil dat iets anders doen dan op de zondagsbrief staat. Het bericht van Lucas over de opstanding van Christus is een reisverhaal. Zoals het hele evangelie van Lucas en ook het tweede boek van dezelfde schrijver een reisverhaal is. En nu wil ik dus stap voor stap door het verhaal wandelen door telkens een stukje te lezen en daar dan iets over te zeggen. Zo maken wij de reis van Lucas 24 als het ware zelf ook.

Lucas vervolgt na zijn bericht over het lege graf in hoofdstuk 24 vers 13:

13Diezelfde dag gingen twee van de leerlingen op weg naar Emmaüs, een dorp dat zestig stadie van Jeruzalem verwijderd ligt. 14Ze spraken met elkaar over alles wat er was voorgevallen. 

Het wordt in Lucas 24 maar heel langzaam Pasen. Vorige week lazen we de eerste 12 verzen en vandaag het grote middendeel van het hoofdstuk en om nu te zeggen dat een vrolijk Pasen is, nee. 

Het begint met die vrouwen in het graf. ‘Ze wisten zich geen raad.’ Een error in hun hoofd, weet u nog. En ja, dan zijn daar die hemelse boodschappers om hun geheugen op te frissen en dan begint er wel iets te dagen, maar ook dan blijft het heel voorzichtig. En het helpt natuurlijk ook niet dat de leerlingen van Jezus hun verhaal afdoen als kletspraat. 

Petrus gaat nog wel naar het graf en over hem staat geschreven dat hij ‘vol verwondering’ terugkeert. Dat is dan nog wat. Verwondering zou je kunnen opvatten als het begin van geloof. Maar ook dan blijft het heel klein en ingetogen. En in wat wij vanmorgen gelezen hebben, is het ook niet zomaar Paasfeest. En als het besef er dan is, is Jezus meteen ook weer vertrokken. Zo wordt het natuurlijk nooit erg uitbundig!

Hoe dan ook, het is in Lucas 24 geen Pasen zoals zoals in Lied 634 ‘U zij de glorie’. Het is in Lucas 24 meer Pasen zoals in Lied 610. Laten we dat samen zingen.

Lied Liedboek 610 

Het is in Lucas 24 meer zoals het voorjaar, waarbij de zon dag voor dag aan kracht wint en het groen stukje bij beetje aan de bomen verschijnt. Als een bloem die voorzichtig groeit en pas na verloop van tijd zijn pracht laat zien.

Misschien ben je daar wel blij mee. Misschien moeten we daar maar blij mee zijn. Is het in jouw leven altijd uitbundig Pasen? Is het in ons leven als gemeente altijd halleluja? Het kan ons ook troosten dan Lucas niet met pauken en cymbalen Jezus’ opstanding verkondigt. Geen vliegende vaandels en slaande trom. Nee, je zou kunnen zeggen dat Lucas in zijn bericht over Jezus’ opstanding de menselijke maat hanteert. Wij zijn die wandelaars op weg naar Emmaüs. Bezig met onszelf. Onder de indruk van wat ons overkomt. Blind voor God die onze levensweg kruist. 

Wat ik wél mooi vind en wat ik hoop dat wij ook doen, is dat die twee met elkaar in gesprek zijn. Ze hadden elkaar ook kwijt kunnen raken. Of in gedachten verzonken geen woord kunnen wisselen. Maar nee, die twee zijn in gesprek. Ze delen wat in hen leeft. Ze doen hun best woorden te vinden die passen bij wat ze voelen en die de ander begrijpt. Er is contact, communicatie, er wordt gedeeld, er wordt geluisterd. Dat is al heel wat. 

15Terwijl ze zo met elkaar in gesprek waren, kwam Jezus zelf naar hen toe en liep met hen mee, 16maar hun blik werd vertroebeld, zodat ze Hem niet herkenden.

En dan is daar Jezus. En wat doet Hij? Maakt Hij zichzelf bekend? ‘Dat hadden jullie niet gedacht hè? Kom, wees een beetje vrolijker, het is allemaal goed afgelopen hoor.’ Nee, ook de opgestane begint met… luisteren! Hij stelt een vraag. 

 17Hij vroeg hun: ‘Waar lopen jullie toch over te praten?’ Daarop bleven ze somber gestemd staan. 18Een van hen, die Kleopas heette, antwoordde: ‘Bent U dan de enige vreemdeling in Jeruzalem die niet weet wat daar deze dagen gebeurd is?’ 19Jezus vroeg hun: ‘Wat dan?’ 

En Hij stelt ook een vervolgvraag. En dat terwijl het antwoord van Kleopas op zijn eerste vraag niet echt vriendelijk klinkt. ‘Bent U dan de enige vreemdeling in Jeruzalem?’ Dat betekent toch zoiets als: ‘Onder welke steen heb jij gelegen?’ Dat is in dit verband wel een grappige vraag trouwens.

Maar Jezus luistert. En ze mogen hun hele verhaal vertellen. Van A tot Z. 

Ze antwoordden: ‘Wat er gebeurd is met Jezus van Nazaret, een machtig profeet in woord en daad in de ogen van God en van het hele volk. 20Onze hogepriesters en leiders hebben Hem ter dood laten veroordelen en laten kruisigen. 21Wij leefden in de hoop dat Hij degene was die Israël zou bevrijden, maar inmiddels is het de derde dag sinds dit alles gebeurd is. 22Bovendien hebben enkele vrouwen uit ons midden ons in verwarring gebracht. Toen ze vanmorgen vroeg naar het graf gingen, 23vonden ze zijn lichaam daar niet en ze kwamen vertellen dat er engelen aan hen waren verschenen, die zeiden dat Hij leeft. 24Een paar van ons zijn toen ook naar het graf gegaan en troffen het aan zoals de vrouwen hadden gezegd, maar Jezus zagen ze niet.’ 

6 verzen lang zijn ze aan het woord. Ze gooien alles eruit. En ondertussen luistert Jezus geduldig. Als je dat wel eens hebt meegemaakt, dat iemand je jouw verhaal laat vertellen, dan weet je hoe goed je dat kan doen. Hartverwarmend als er iemand naar je luistert. 

En als die iemand Christus is, dan is dat helemaal bijzonder. Een pastoraal gesprek met de Heer. Dat kan niet beter. Maar Christus is niet alleen herder, Hij is ook leraar. Hij luistert, maar Hij spreekt ook. En Hij begint ook best wel scherp.

25Toen zei Hij tegen hen: ‘Hebben jullie dan zo weinig verstand en zijn jullie zo traag van begrip dat jullie niet geloven in alles wat de profeten gezegd hebben? 26Moest de messias al dat lijden niet ondergaan om zijn glorie binnen te gaan?’ 27Daarna verklaarde Hij hun wat er in al de Schriften over Hem geschreven stond, en Hij begon bij Mozes en de Profeten.

‘Hebben jullie dan zo weinig verstand en zijn jullie zo traag van begrip dat jullie niet geloven in alles wat de profeten gezegd hebben?’ Zo zul je het een ouderling of predikant niet gauw horen zeggen. Maar deze pastor kan het maken. Want zijn scherpe woorden bevatten geen afwijzing. Zijn verwijt schept geen afstand. Hij stuurt ze er niet mee weg, maar Hij houdt ze bij zich en legt hen uit wat er in de Bijbel staat. 

Ik zou die Bijbelstudie wel meegemaakt willen hebben. Christus zelf die de Schriften uitlegt. Die zelf laat zien hoe de Bijbel over Hem gaat. Want dat is het. De Bijbel gaat over Christus. Ja, er staat ontzaglijk veel moois in. En veel interessants. Over de geschiedenis. Over wat het juiste morele handelen is. Over religieuze ervaringen. Maar uiteindelijk is de Bijbel het boek wat je plaatst tegenover God. En dus tegenover Jezus Christus. Als je de Bijbel laat zeggen wat hij wil zeggen. Als je je laat meenemen door de stroom van de Bijbel, dan kom je daar uit, bij Jezus Christus, de gekruisigde en opgestane Zoon van God.

Toch eindigt het verhaal van de Emmaüsgangers niet bij de preek. 

28Ze naderden het dorp waarheen ze op weg waren. Jezus deed alsof Hij verder wilde reizen. 29Maar ze drongen er sterk bij Hem op aan om dat niet te doen en zeiden: ‘Blijf bij ons, want het is bijna avond en de dag loopt ten einde.’ Hij ging met hen mee en bleef bij hen. 30Toen Hij met hen aanlag voor de maaltijd, nam Hij het brood, sprak het zegengebed uit, brak het en gaf het hun. 31Nu werden hun ogen geopend en herkenden ze Hem.

Het is uiteindelijk niet het woord dat het ‘m doet, maar het sacrament. Het is in het breken van het brood dat ze Hem herkennen. Dat mag ons op het Woord gefixeerde protestanten toch wel veel zeggen. 

Sommigen menen dat bij het breken van het brood de wonden in Jezus’ handen zichtbaar werden en dat ze Hem daar aan herkenden. Dat zou kunnen, maar volgens mij gaat het juist om het breken van het brood. Juist in dat gebaar herken je Hem. Hij wil als de gebroken Messias onze redder zijn. Hij is de gebroken redder. Hij redt ons niet door met geweld te overwinnen, maar door breekbaar in ons midden te zijn. 

Maar Hij werd onttrokken aan hun blik. 

En dan is Hij weg. Wonderlijk is dat. Hij had toch in elk geval nog wel even kunnen blijven. Maar nee, Hij gaat. Zoals Hij in het bericht over de opstanding van Johannes tegen Maria Magdalena zegt: ‘Houd me niet vast.’ En zoals Hij verschijnt aan de leerlingen, plotseling is Hij er en even plotseling verdwijnt Hij. Hij doet dat om iets anders mogelijk te maken. Waar Hij verdwijnt zoeken mensen elkaar op. Hij zegt tegen Maria: ‘Houd me niet vast, maar ga naar mijn broeders…’ Hij zegt tegen die leerlingen: ‘Dit is mijn gebod: dat jullie elkaar liefhebben.’ En Hij verlaat de Emmaüsgangers opdat zij naar Jeruzalem kunnen teruggaan en alles kunnen vertellen aan degenen die daar zijn. 

32Daarop zeiden ze tegen elkaar: ‘Brandde ons hart niet toen Hij onderweg met ons sprak en de Schriften voor ons ontsloot?’ 33Ze stonden op en gingen meteen terug naar Jeruzalem, waar ze de elf en de anderen aantroffen, 34die tegen hen zeiden: ‘De Heer is werkelijk uit de dood opgewekt en Hij is aan Simon verschenen!’ 35De twee leerlingen vertelden wat er onderweg gebeurd was en hoe Hij zich aan hen kenbaar had gemaakt door het breken van het brood.

Jezus verdwijnt om ons bij elkaar te brengen. Zodat wij leren dat waar wij delen, waar wij luisteren, waar wij de Schrift openen, waar wij het brood breken, dat Hij daar is. Waar wij elkaar ontmoeten, daar is Hij. Daar is Hij onze reisgenoot. Dat was de ervaring van de Emmaüsgangers en dat is nog altijd de ervaring van de gemeente. Waar wij elkaar opzoeken en vertellen wat we hebben meegemaakt, waar wij samen de Bijbel lezen, waar wij samen eten, waar wij het brood breken, daar is Hij. De Heer is onze reisgenoot. Laten we daar samen van zingen.

Lied Liedboek 646

De Heer is onze reisgenoot. Ja, maar misschien vinden we dat allemaal weinig spectaculair. Misschien verlang je naar een kerk waar meer vanuit gaat, waar meer gebeurt. Een Paaskerk, waar vol op het orgel gespeeld wordt, of zelfs nog meer dan dat. Dat kan. 

En misschien denk je: wat hebben we hier aan in de tijd waarin we nu leven? De toestand in de wereld is onzeker. Oorlog, klimaatverandering, migratiestromen, stikstof, rijken die steeds rijker worden… noem maar op. Wat heb je dan aan een Heer die zich bij je voegt en zich aan je kenbaar maakt in het breken van het brood? 

Je hebt gelijk. Wonderlijk genoeg presenteert het evangelie zichzelf ook niet als een oplossing voor de grote problemen in de wereld. Er was voor de opgestane toch werkelijk wel iets belangrijkers te doen dan te verschijnen aan die twee weemoedige wandelaars op weg naar Emmaüs. Het geweld waarmee het Romeinse Rijk miljoenen onderdrukte. Het onrecht en de oneerlijkheid waar tallozen onder leden. Maar de Heer verschijn aan Kleopas en die andere wandelaar die met elkaar in gesprek zijn. 

Het evangelie is geen theorie van alles. Het is eigenlijk een heel klein verhaal. Zo klein dat het over jou en mij gaat. Zo klein dat het over ieder mens gaat. Zo klein dat het waar is. Het evangelie is precies klein genoeg voor het echte leven. Met dit verhaal van de Emmaüsgangers, met het Paasbericht van Lucas, met het evangelie van Jezus Christus krijgen jij en ik iets wat voor jou en mij genoeg is. Niet om je terug te trekken in je privé-geloof waar jij jouw band met de Heer hebt. Nee, de planeet moet gered worden, de vrede bevochten, de democratie versterkt, de eenheid bewaart en gelijkheid gewaarborgd. Maar zei Jezus niet tegen Pilatus: ‘Mijn koninkrijk is niet van deze wereld.’ Jezus wil onze koning zijn, maar niet zoals al die andere machthebbers. Daarom is het Paasverhaal een klein verhaal. Hij wil jouw koning zijn. Nu al. Daarom breekt Hij het brood in Emmaüs, daarom is Hij aanwezig in ons breekbare geloof en onze breekbare kerk.

Onderschat dat kleine verhaal niet. Als dat verhaal jou kan veranderen, kan het alles veranderen. Onderschat niet de kracht van het kleine en gewone. Onderschat niet de kracht van het kleine en gewone. Het is heel bijzonder, dat er zoiets bestaat als een kerk, zoiets als kerkdiensten, zoiets als een preek, zoiets als met een brandend hart luisteren, zoiets als ontdekken dat Hij zelf bij ons is in Woord en Sacrament. Het is ongelofelijk bijzonder wat wij hier samen hebben. Of nou ja, hebben, wat wij hier samen ontvangen. In alle breekbaarheid.


Reacties

Één reactie op “Breekbaar”

  1. jacques verkaik avatar
    jacques verkaik

    Beste Jan Willem,

    Wat een geloofsopbouwende boodschap.

    De hele preekopbouw, ontroerend, bemoedigend.

    Bedankt voor Psalm 130 en “Heer U bent mijn leven “. (Sefa)

    Met vriendelijke groet
    Jacques Verkaik

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.